VOETSTAPPEN IN HET ZAND

 

 

Gerhard zat voor zich uit te staren, hij droomde een beetje; hoe lang was hij nu al weer in dit nieuwe land? Daarstraks leek het nog maar zo kort, maar nu op dit moment lijkt het wel of hij hier al eeuwen geleden is aangekomen. Gerhard is hier een tijd geleden aangekomen, maar hoe dat precies is gegaan weet hij niet meer. Opeens was hij hier.

Vanmiddag nog heeft hij op een video zijn geboorte op aarde en ook zijn hele leven daarna gezien. Hij zag zijn ouders weer, zijn vader die hard voor hem was en verder weinig aandacht voor hem had, zijn moeder die altijd verdrietig was, het huis, de woonomgeving en al die nare omstandigheden, die hij later was ontvlucht.

Zijn leven was moeilijk geweest, hoofdzakelijk omdat hij te weinig oplettend was geweest, doordat hij steeds de verkeerde kant opkeek, altijd met iets anders bezig was. Dat ziet hij nu wel in.

 

Nu hier op de monitor zag hij de hulp, die de engelen hem boden wél die hij tijdens zijn leven op aarde níet had gezien of ervaren. Steeds werden hem helpende handen toegestoken, maar opgemerkt had hij ze niet. Pas aan het eind van zijn leven was hij de reis door de woestijn begonnen, het was een grote woestijn en hij doolde rond, de ene cirkel na de andere en hij leed onbeschrijfelijke dorst.

Zijn hele leven bestond eigenlijk uit lijden en hij begreep nu ook wel waarom hij zoveel had geleden, hij zag nu wel in, waarom hij zoveel tegenslagen over zichzelf had afgeroepen. Toch waren er vele mogelijkheden geweest om van richting te veranderen. De mensen die hem opriepen het goede pad in te slaan. Die mogelijkheden stonden ook in de boeken die hij had gelezen. Deze boeken spraken over de twee wegen die de mens ten dienste staan op het pad der vervolmaking.

Het ene, en het minst gekozen pad, is langs de weg der bewustwording, de andere, en de meest gekozen methode is via de weg van lijden het gewenste inzicht te ontvangen. Lijden is echter negatief reageren op negatieve impulsen, terwijl we opgeroepen worden positief te reageren op negatieve impulsen. Gerhard had als zo velen voor hem de brede weg gekozen en hij moest tot zijn schade ontdekken dat dit uiteindelijk de moeilijkste van de twee bleek te zijn. Het smalle innerlijke pad was echter totaal aan zijn aandacht ontsnapt en hij meende dan ook zeker te weten, dat hij geen keuze had, dat dit lot hem was opgelegd, dat alles hem tegen zat in het aardse bestel.

  

Ja hij begreep nu wel, dat hij al die ellende en narigheid zelf had aangetrokken. Hij zag duidelijk voor zich dat er een pad van lijden en een weg van begrijpen naast elkaar liggen. Een brede en een smalle weg en alleen de smalle, de weg via het eigen innerlijk, de koninklijke weg van de ouden, geeft garantie voor behouden aankomst.

 

Vele malen had hij het hier besproken met een karma deskundige. Hij begreep nu ook wel dat de mens zelf de hel schept, dat hij er na zijn sterven niet heen gaat, maar er op aarde in leeft. Het begrip hel is een alledaags verschijnsel op aarde, er leven hier op aarde een veelvoud mensen in de hel, ten opzichte van de enkeling die het vermogen bezit het leven hier op aarde als een hemel te ervaren. De hel hoeft echter niet eeuwigdurend te zijn, want hij is te overwinnen door liefde. Hij begreep nu ook dat verdoemd zijn, onbewust leven is, als een dier leven, dat je dan zonder liefde ver beneden je eigen mogelijkheden, als een dier alleen maar leeft om te overleven. Dat je geen geestelijke aspiraties hebt, geen hoger inzicht ambieert, maar alleen jezelf op stoffelijk niveau wilt handhaven, in de sfeer waar materieel hebben en houden toonaangevend zijn. 

 

Bewustwording daarentegen is genezing, het is de olie waarmee het hoofd van de verloste wordt gezalfd, het verlicht zijn geest en richt hem op, het kroont hem met goedheid en liefde. In de woestijn had hij tenslotte al zijn kommer en verdriet doorleefd, jarenlang had hij gezworven en uiteindelijk, toen hij weer dorst kreeg zag hij de engel met de schaal met water wél.

Nadat hij daarna voldoende moed had verzameld en vroeg of hij zijn dorst mocht lessen, was hij ineens hier. In een punt des tijds was hij hier in dit prachtige land, met zijn prachtige blauwe bergen en zilveren oceanen gevuld met koel helder water. Hier leefde hij nu temidden van zingende blauwe vogels en zijn eigen herinneringen. Hij had zijn pijn en verdriet, zijn moeiten en zorgen, zijn gebroken lichaam, allemaal achter zich mogen laten.

 

Naar dit land komen alleen zij, zo had men hem gezegd, die hun verdriet, angst en pijn, verwerkt hebben. Niet door het te verdringen, maar gelouterd door het lijden, was hij als een nomade door de woestijn zwervend, uiteindelijk met een verlicht lichaam in dit blauwe land aangekomen.

In dit land van wedergeboorte had hij zojuist de video van zijn laatste leven nog eens bekeken. Hij kwam tot de conclusie dat heel veel mensen op aarde nog blind zijn en doof. Ook hij was ziende blind en horende doof geweest, maar begreep hij nu; zij die in het land van de materie als doven en blinden door het leven zijn gegaan en daardoor lijden over zich hebben afgeroepen, mogen al hun verdrietige ervaringen als parels inrijgen, in het zilveren koord van genade. Zo was het hem gezegd.

Gerhard mocht, omdat hij verder op het pad was gevorderd, omdat hij reeds vele voetstappen in de woestijn van eeuwige vergetelheid had gezet, ook terugkijken in vorige levens. Ieder leven hield hem een spiegel voor, ieder leven had zijn eigen levenslessen, telkens was er weer een andere levenstaak, maar bijna altijd was het een zware levensopdracht en slechts zelden kon hij er met tevredenheid op terugzien en nimmer kon hij echt trots zijn op de geleverde prestatie.

 

In bijna elk leven had hij wel veel geleerd en hij was veel verder gekomen op de levensweg, maar toch waren er ook eenvoudige levens bij, heel stil, sober en berustend. Dit laatste leven was er eentje geweest van vechten en strijdlust. De emoties hadden in dit leven vrij spel en ze speelden dan ook de hoofdrol, maar tenslotte had hij ze toch overwonnen, hij had ze aan banden gelegd.

Hij kon zich vanmiddag bijna niet voorstellen, dat een mens in zijn verblinding zoveel fouten kan maken, zoveel vergissingen en verkeerde beslissingen kan nemen, terwijl er toch altijd helpers beschikbaar waren. Nu leefde Gerhard in vrede met zijn omgeving, hij had met alle medeburgers van dit mooie land achter de blauwe bergen een goede band. Bevrijdt van de materie heeft hij zijn lichaam met daarin de vele emoties in de materiële woestijn van het stoffelijk bestaan achtergelaten, daarom kan hij nu in harmonie met zijn omgeving leven.

 

Hoe kan het toch, zo peinsde Gerhard, dat ik die helpende handen niet zag? dat ik het goede pad, dat toch zo duidelijk zichtbaar was, niet kon ontdekken. Dat ik bijna een leven lang op verkeerde wegen zocht, wat altijd binnen in mij onder handbereik was?

 

Hij had reeds gesproken met een karma deskundige en die had hem uitgelegd dat een boreling in principe wel alle kennis bezit, maar dat door zijn geboortehoroscoop de wel aanwezige kennis voor een deel wordt versluierd. Er valt bij de geboorte een schemer over het oneindige eeuwige licht en hierdoor wordt niet alle kennis bewust. Onze onbewuste kennis kan door een bewust leven voor een flink deel ook bewust worden. Behalve dat een deel van onze kennis onbewust is bestaan er ook nog de negatieve aspecten van onze emoties, die ons uitzicht belemmeren.

Hoe verder een mens is gegaan op des levens weg, hoe moeilijker de opdracht. Ieder leven opnieuw moeten we weer meer bereiken, in ieder nieuw leven worden de hindernissen moeilijker, wordt de lat hoger gelegd. Krijgt de eenvoudige mens als levensopdracht bijvoorbeeld een kruiswoordpuzzel, de verder gevorderde heeft als taak een doorloper op te lossen en voor anderen zijn er nog cryptogrammen beschikbaar. Daardoor kunnen vergevorderde zielen zolang dwalen vooraleer zij hun definitieve richting konden bepalen.

Vergelijk het met duiven die voor een wedstrijdvlucht zijn weggebracht naar een vreemde plaats. De ene duif gaat met een groep mee naar een plaats op 100 km afstand en hoewel hij als een wilde heen en weer vliegt bereikt hij toch op zeker moment als laatste zijn duiventil weer. De duif die op een vlucht van 1000 km afstand wordt gezet, moet tijd, aandacht en kennis bezitten om de weg terug te kunnen vinden, hij moet de goede richting kunnen bepalen. Soms dreigt hij echter toch nog te verdwalen en wordt halverwege de koers veranderd. Zo zijn er ook voldoende voorbeelden bekend, waarbij mensen hun leven drastisch zagen veranderen.

 

Gerhard had al veel geleerd en hij zag dat er op aarde een menselijke materiële ordening is, maar hij kon van hieruit ook zien dat de mensen, door een geestelijke hiërarchie met elkaar zijn verbonden en hij zag dat beide hiërarchieën niet helemaal synchroon lopen.

Helemaal onderaan in deze piramide ligt het gebied van de levensangst, hier dwalen zeer velen rond, die onbewust hongeren en dorsten naar het Licht, maar het niet zien noch begrijpen.

Direct daar boven zien we gelovigen die te pas en te onpas hun knieën buigen in een veel te grote afhankelijke nederigheid. Kerken en moskeeën gevuld met matte moegeslagen mensen, zonder enig ander uitzicht dan een helpende hand van hun Heer. Dikwijls zien zij die hand echter niet en zo loopt deze cirkelgang zich uiteindelijk dood, in angst voor de dood.

Ook de gebieden van hebzucht, gierigheid en wroeging zijn dicht bevolkt. Werkers, slaafse werkers, die werken om te verdienen, die zich nu uitsloven om straks in een theater even hun moeizame bestaan te vergeten, leven ook in een dichtbevolkt gebied.

Denkers, wetenschappers die hét antwoord niet kunnen vinden, die niet het ultieme genot mogen smaken van een nieuwe ontdekking, van eeuwige beroemdheid, lopen elkaar peinzend in de weg.

 

Gerhard zag ook een kleine groep die gedachten en gevoelens, die hoofd en hart met elkaar hadden verbonden. Ook zij hebben het soms moeilijk, maar niet meer zozeer door het zelf aangetrokken lijden, maar door de grofheid van de lagere krachten. In de geestelijke wereld is een vanzelfsprekende hiërarchie, maar in de materie kan het lagere, het hogere aanzienlijke schade toebrengen.

Toch zullen deze geestelijk sterken voortgaan op de weg des levens en ook anderen tot zegen kunnen zijn. Dit zijn ook de mensen die door vele levens heen telkens nieuwe voetstappen in het zand hebben gezet en telkens hebben ze de oase, in het midden van de woestijn, gevonden. De bron die deze oase bevrucht zingt het lied van het leven en de Heer van Karma schenkt hen, die daartoe geroepen worden, een nieuwe levenstaak op aarde.

 

Door zijn eigen strijd naar overwinning opnieuw te beleven besefte hij nu, dat ieder mens zijn eigen strijd mag voeren, móét voeren, om te kunnen zegevieren. Als een flits schoot het door hem heen dat wanneer we vrede voor onszelf hebben verworven, we ook vrede met de strijd van een ander moeten hebben. Hij bezit dezelfde rechten zich een pad te zoeken waarlangs hij inzicht kan ontvangen. Het is zijn legitieme strijd, zijn oorlog, zijn nederlaag of overwinning en zijn vrede.

Gerhard begreep nu, dat hij buiten zichzelf had gezocht, wat binnen in hem zelf ruim voorhanden was. Hij zag nu in dat zijn geweten hem meerdere malen had gewaarschuwd en ook zijn intuïtie kende heel goed het verschil tussen goed en kwaad. Hij begreep nu ook dat de wereld niet te verbeteren is door de mentaliteit van anderen te veranderen, maar door zelf op zoek te gaan, naar de eigen immense krachten van de geest. Door zelf te bouwen aan de eigen tempel der vervolmaking, kunnen we een betere wereld bewerkstelligen. Hij had het gevoel dat hij een nieuw inzicht had ontvangen en terwijl hij voor zijn huis zat en uitkeek over de zonovergoten schitterende oceaan, was het hem of hij een totale verlichting van bewustzijn deelachtig werd.

 

Doordat geest en ziel van de mens te diep in de materie zijn gezonken en daardoor onbewust zijn geworden, kunnen zij het voor hen uitgezette levenspad slechts zeer sporadisch vinden. De dwalenden, die het zoeken niet staken, kunnen via de woestijn, vanuit het materiële Egypte toch het beloofde land bereiken. Vertrokken vanuit de materie (de rijkdommen van Egypte achter zich latend) was Gerard toch aangekomen in het beloofde land. In dit land van melk en honing, het land Kanaän, durfde hij om water te vragen.

Ieder mens wordt opgeroepen het materiële achter zich te laten en een geestelijk pad te volgen. Het aardse dal heeft twee wegen, een materieel en een geestelijk pad, een pad van glimmer en glitter en een innerlijke weg, een brede straat en smalle weg. Gerhard begreep het nu.

 

Nu besloop hem het gevoel, dat hij zelf inmiddels een Heer van het Licht was geworden. Hij sloot zijn ogen en hoorde een stem. Vanuit de onmetelijke ruimte klonk een stem die sprak: "Waar is de mensenzoon Gerhard, die door duizend poorten is gegaan?" Zonder aarzeling sprak Gerhard: "Heer, ik ben in het Land van de Blauwe Bergen". De stem vervolgde: "Gerhard, zijt gij bereid om door de volgende poort te gaan?".

"Meester, ik ben daartoe bereid" sprak Gerhard eenvoudig.

 

                                                                                                               

Index