HERINNERING
Herinneren en vergeten zijn mogelijkheden die we allen in ons hebben. Tenminste, wanneer we gezond zijn en normaal functioneren. Sommige belevenissen onthouden we en die herinneren we ons ook steeds weer en andere vergeten we heel eenvoudig, die raken we kwijt. Allen maken we soms wel mee dat iemand tegen ons zegt: toe, dat weet je nog best, terwijl wij totaal niet (meer?) weten waar hij het over heeft. In ons geheugen, zo berekende de wetenschap, kunnen we 280 triljoen stukjes informatie opslaan.
Zegt men.
Niemand weet nog precies waar deze info zich bevindt, maar nergens liggen hele episoden opgeslagen.
Dat schijnt vast te staan.
Het schijnt dat onze hersenen telkens, op de een of andere manier, de kennis over een voorbije situatie weer opzoeken en geleidelijk nemen we met steeds minder feiten genoegen. Het wordt een soort beeld, dat we uit een aantal brokstukken info formeren en door de accenten zo te leggen dat dit beeld een beetje aan onze gevoelens tegemoet komt, kunnen we steeds beter met de nare situaties uit het verleden leven.
In details is ons geheugen dus onbetrouwbaar, maar in grote lijnen komt het wel met de werkelijkheid overeen, met onze eigen werkelijkheid welteverstaan en een ander zicht op het bestaande hebben we niet. Het blijft immers wel altijd onze herinnering, onze eigen persoonlijke ervaring en dat is een heel subjectief gegeven en deze kan heel goed tegengesteld zijn aan die van andere tijdgenoten.
Sommige mensen, in het bijzonder de astrologische Aarde -en Luchttekens herinneren zich meestal de feitelijke gebeurtenis zoals deze plaatsvond, maar anderen, meestal de astrologische Water -en Vuurtekens, doch ook Waterman wat een Luchtteken is herinneren zich gemakkelijker hoe het voelde. Dus niet zozeer de feitelijke gebeurtenis, als wel de gevoelens die dit bij henzelf opriep is dan maatgevend.
Hebben onze herinneringen de vorm van gevoelens, dan kunnen we ze moeilijk in het heden plaatsen en kunnen we er weinig anders van leren dan: dat wil ik nooit weer meemaken of, bij leuke ervaringen, dat wil ik nog wel eens ervaren.
Veel van onze goede of minder aangename herinneringen komen uit onze kindertijd. De emotionele herinneringen uit onze kinderjaren en met name de minder aangename kunnen ons een heel leven lang bijblijven. Dit gebeurt wanneer we op ons kindbewustzijn blijven leven. Volgens sommigen leeft tweederde van onze bevolking op het kinderbewustzijn. In deze situatie komt men meestal niet veel verder dan het -met min of meer succes -verdringen van de nare ervaringen, doch op elk ongewenst moment kunnen die herinneringen opnieuw de kop weer opsteken om hen het leven te vergallen. Komt er echter wel een volwassen bewustzijn tot stand dan zullen we in staat zijn de nare herinneringen definitief te verwerken. We zijn ze dan meestal niet geheel vergeten, maar ze zijn wel hanteerbaar geworden.
De oude Griekse geleerden vergeleken ons geheugen met een wastablet waarin het geheugen de opgedane kennis en herinneringen opslaat. Na verloop van tijd worden die indrukken steeds vager en ontstaat er een beeld of soms zelfs niet meer dan een gevoel, een gedachte misschien, die nog wel vrij lang oproepbaar blijft, maar geen scherpe contouren meer bezit. We weten het nog wel, maar het zit wel heel ver weggestopt, hoe was het ook al weer? De scherpe kantjes zijn er door de tand des tijds afgesleten.
Freud stelde ook dat onze herinneringen onvermijdelijk zijn vertekend door onze eigen verlangens en wensen. Herinneren wordt meestal door onze samenleving heel hoog gewaardeerd, wij vinden een goed geheugen dikwijls erg belangrijk, maar goed selecteren en dan snel vergeten kan vaak veel zinvoller zijn. De bekwaamheid, het vermogen tot herinneren wordt meestal enigszins overschat. Iemand zei: Het heden kan hard zijn, maar wat het verleden betreft; dat kun je veranderen! ¹)
Hier wordt dan ook heel veel gebruik van gemaakt; dikwijls romantiseren we het verleden om onszelf te kunnen handhaven in het heden. Een ander aspect van onze herinnering is dat we hierdoor een redelijk mens kunnen worden. Door het vermogen ons gebeurtenissen uit het verleden te herinneren en deze te plaatsen in het heden, kunnen wij de toekomst in grote lijnen voor ons zien verschijnen. Hierdoor kunnen wij in de toekomst daden, welke wij thans als verkeerd ervaren, leren vermijden.
Door de cyclische vooruitgang van de evolutie uit het verleden in de juiste context te plaatsen, wordt het ons mogelijk ons voorland te aanschouwen, ja zelfs gedeeltelijk in te richten. Immers het heden is het product van verleden en toekomst.
¹)Psychologe Elizabeth Loftus, werkzaam aan de Universiteit van Washington, publiceert veel over haar onderzoeken naar de beïnvloedbaarheid van ons geheugen. Volgens haar is ons geheugen scheppend bezig -in deze zin -dat tijd, omstandigheden en gebeurtenissen soms worden verwisseld. Ons geheugen is beslist geen betrouwbaar bandapparaat dat telkens opnieuw kan worden afgeluisterd. Uit onderzoek is komen vast te staan dat het geheugen ook van buitenaf, bijvoorbeeld door therapeuten, heel eenvoudig suggestief kan worden gemanipuleerd.
Hoewel vele wetenschappers menen, dat alles wat we wedervaren wordt opgeslagen, zijn wij kennelijk ook in staat deze kennis geleidelijk diep in de wastablet te verstoppen, zodat ze geen deel meer van ons actieve leven blijft. Dat noemen we vergeten. We zouden ook overvoerd worden door de grote hoeveelheid info, die elke dag weer tot ons komt, wanneer we het niet even snel weer konden vergeten.
We zouden ons gehele leven kunnen vullen met om genade smeken voor het door ons zelf aangerichte onrecht en onheil. Gelukkig vergeten we veel van onze eigen culturele fouten en falen. Wanneer ook onze echte 'verkeerde' tegen het universum gerichte daden Karmisch zijn verwerkt, worden ze neutraal en kunnen we ze goddank vergeten. Dat is een grote reden om dankbaar voor te zijn. Diep in de wastablet van ons geheugen liggen de persoonlijke herinneringen van alle oude, droeve, blijde en reeds lang verwerkte, ervaringen opgeslagen.
In de opbouw van de mens wordt de scheiding tussen het sterfelijke en het onsterfelijke gevormd door onze herinnering. Deze herinneringsfase is van een geheel andere orde, zij is een sfeer die tussen lichaam en ziel, tussen geest en materie verblijft en van diep zwart tot helder licht kan variëren.
Bij sommige mensen is deze herinneringsfase nog een zwarte, nagenoeg ondoorzichtige sfeer. Men weet dan ook niet dat men een ziel bezit en heel dikwijls zal men dit zelfs ten stelligste ontkennen. Bij het sterven gaat hun identiteit verloren en hun essentie leeft naamloos verder. Wanneer het ons in het leven niet gelukt door deze herinnering heen te breken en onze herinnering als een zwarte band tussen geest en materie blijft fungeren, als we geen contact kunnen maken met de essentie van ons bestaan, sterven we tenslotte in de wereld van oorzaak en gevolg.
In het materiële deel van het universum is het causale gevolg van sterven onder deze omstandigheden automatisch, opnieuw geboren worden. Misschien sterven we in angst, misschien in wanhoop of gedesillusioneerd en misschien vertrouwen we op een Helper, een Verlosser, die ons verder moet helpen, doch altijd blijft er maar één mogelijkheid bestaan en dat is wedergeboorte.
De persoonlijkheid die aan het eind van zijn leven gekomen, zichzelf uitroept als een verlorene, een zondaar, zal kunnen ervaren dat zijn eigen Essentie, een Helper, een Trooster, een El Salvador schept, die hem te hulp komt. Onze Essentie kan, wanneer de persoonlijkheid door een tekort aan universele kennis dreigt ten onder te gaan, een sluier van maya over het geheel uitspreiden, waardoor -ook materieel -het leven draaglijk blijft. De causale wet van oorzaak en gevolg kent echter geen uitzonderingen voor hen die hun hoop gesteld hebben op een Verlosser.
Verder gevorderd op des levens pad kan deze sfeer der duisternis echter steeds lichter worden, zeker wanneer er begrip en zelfkennis begint te ontstaan en geleidelijk, voortgaande op de weg ten leven, kunnen het bewuste en onbewuste deel van de geest met elkaar communiceren.
De mens die dit pad der verlichting volgt ervaart zijn ziel (leven) als een realiteit en voor hem komt steeds meer kennis uit dit geestelijke gebied beschikbaar, waardoor zijn verstandelijke ontwikkeling zich kan versnellen. Op het moment dat bewust en onbewust een eenheid gaan vormen, is de herinneringsfase geen belemmering, geen drempel meer, maar een open poort waardoor de mens van buiten naar binnen kan gaan om inzicht te ontvangen. Doch altijd keert deze mens terug in zijn eigen levensritme, al dan niet getuigend van de welhaast goddelijke mogelijkheden welke schuilgaan in ieder mens.
De verbinding tussen het materiële denkvermogen uit zijn verstand en de geestelijke kennis uit zijn ziel noemt de bijbel het zilveren koord, terwijl de verbinding van de enkelvoudige mensenziel met de -Ziel der Zielen -wel het gouden koord wordt genoemd. Het symbolische verbond van God met Abraham, tussen Schepper en schepsel, bestaat uit de belofte dat dit gouden koord niet zal worden verbroken. De ziel kan op de neergaande spiraal terecht komen, zij kan zeer diep zinken in het mentale of animale gebied, maar zij raakt niet definitief van God los. Zij zal altijd deel en onderdeel blijven van het grote Licht.
Wanneer de sluier van maya is verdreven, het voorhangsel van het Heilige der Heilige in de tempel is gescheurd, kan de bewuste geest van de mens door de open poort van zijn "herinnering", contact maken met het onder -en bovenbewuste "weten" van zijn ziel en deze heeft een rotsvaste gouden verbinding met de Ziel der Zielen. Zo weet hij zich, als door draden van goud en zilver, verbonden met het universum en blijft hij één met het heelal.
Index