BEHOEFTEHIERARCHIE NAAR EEN IDEE
VAN ABRAHAM MASLOW
-----
5
Behoefte aan
Zelfverwerkelijking
De Wijsgeer
-------------------------------
4
Behoefte aan waardering
De Wetenschapper
-----------------------------------------
3
Behoefte aan sociale zekerheid
De Zintuiglijke mens
------------------------------------------------------
2
Behoefte aan emotionele zekerheid
De Gelovige mens
---------------------------------------------------------------
1
Behoefte aan stoffelijk bezit
De Overlever
-------------------------------------------------------------------
De onderste vier behoeften beschrijven tekorten welke aangevuld kunnen worden. Wanneer die tekorten zijn opgeheven treden de nieuwe behoeften automatisch naar voren. De behoefte aan zelfverwerkelijking is een geestelijke ontwikkeling welke schier eindeloos kan voortbestaan.
1)
De mens die zijn behoefte aan adem, voeding, slaap, seks en huisvesting heeft bevredigd, zoekt daarna naar zekerheden zodat hij deze verworvenheden kan behouden.
2) Wanneer deze zekerheden voldoende zijn gewaarborgd treedt zijn behoefte aan sociaal contact en liefde naar voren. Daarop zal nu zijn aandacht gevestigd zijn.
3) Heeft hij ook deze behoeften bevredigd dan wil hij wel waardering voor zijn prestaties, zowel stoffelijk als middels verbaal uiterlijk vertoon.
4) Is ook deze waardering eenmaal een feit, is hij voldoende geprezen voor zijn belangrijke werk en bezit hij voldoende stoffelijke bewijzen van zijn unieke identiteit dan zoekt hij zijn heil in zelfontwikkeling.
5) Wanneer in de onderste vier fasen de behoeften zijn vervuld, gaat de mens geleidelijk over van een scheppend naar een verlossend bewustzijn.
KORTE BESPREKING VAN DE VERSCHILLENDE NIVEAUS IN DE PIRAMIDE
Op de 1e woonlaag leeft de overlever. Zij hebben handen, voeten en ellebogen nodig om zich in de maatschappij materieel staande te houden. Ze zijn nog eenzijdig aards ingesteld, adem, voeding, voortplanten, beschutting en plezier zijn de trefwoorden. Zij menen dat het daar allemaal om draait in dit leven, er is nog maar weinig perspectief en visie ontbreekt geheel.
Op de 2e woonlaag leven de mensen die inzien dat -samen onderweg -veiliger en comfortabeler kan zijn. Deze mensen scholen graag samen. Ze organiseren zich uit eigenbelang en verder op het pad, ontstaat er een neiging de wereld te verbeteren. Verantwoordelijkheid voor het eigen leven kunnen ze ook hier nog nauwelijks dragen. Velen van hen vertrouwen geheel op een Verlosser, anderen op een vakbond -of politiek leider.
Op de 3e woonlaag leven de mensen die voldoende moed hebben verzameld om op eigen kracht door het leven te gaan. Wanneer de emoties angst en drift zijn omgezet in moed, maken ze zich een beetje vrij. Door deze moed durven ze zich wat vrijer op te stellen. Het is de fase van bidden en werken en het accent gaat steeds meer naar werken. Geleidelijk verlost men zichzelf van al te knellende kerkelijke banden. Het zondaarsgevoel verdwijnt steeds meer naar de achtergrond, men wil het zelf gaan doen. Dapper gaat men verder op de levensweg, maar toch is men soms nog wat onzeker.
Op de 4e woonlaag leven de mensen die steeds meer aandacht voor de wereld om zich heen beginnen te krijgen. Geleidelijk wordt men wat meer volwassen; na het bidden verdwijnt ook het streberige werken naar de achtergrond. Men stelt zich meer en meer open voor wat Dr Rupert Sheldrake morfische resonantie noemt en worden meer en meer een bewust deel van morfogenetische velden. Binnen deze velden kan men verder groeien tot een volmaakt onderdeel van het organisme mensheid. Men zwoegt niet meer voor materieel gewin, maar geestelijke vrijheid, kunst en cultuur, zijn hier de belangrijkste trefwoorden.
Op de 5e woonlaag leeft de zelfstandig geworden mens. Hij heeft tenslotte ook de meester achter zich gelaten. Vol vertrouwen vervolgt hij zijn levensweg, in de wetenschap dat je beter meer leven kunt toevoegen aan de jaren die je worden geschonken dan dat je -ten koste van alles - jaren toevoegt aan een miserabel leven. Altijd zal ieder van ons het laatste deel van zijn leven, ook als de wegen slecht begaanbaar dreigen te worden, op eigen kracht dienen te gaan.
EMOTIES
Op de 1e woonlaag reageren we emotioneel. Ik voel. Gevoelens zijn echter wel iets heel anders dan emoties, maar dit woord wordt er meestal voor gebruikt. Behoeften worden op dit niveau ook dikwijls gevoelens genoemd. Het levensdoel is hier materieel overleven. Dat is altijd het belangrijkste doel in het leven. Wie niet materieel kan overleven bereikt op mentaal of geestelijk gebied ook niets.
Door de drift durven deze mensen hun territoir te verdedigen. Angst en begeerte zetten hen aan medestanders te zoeken in de strijd om het bestaan. Dan stijgt men naar de tweede etage.
Op de 2e woonlaag zijn geloven en hopen de trefwoorden. Bidden en vloeken doet men uit onmacht en beide komen in deze fase veel voor, want men wil meer dan men kan. Deze mensen zijn constant bezig hun emoties gerust te stellen. De een is bang dat hij materieel niet aan zijn trekken zal komen, de ander heeft een uitgestelde angst, en maakt zich zorgen over het hiernamaals. (Kindje Jezus en vadertje Drees) Toch ontstaat er steeds meer vertrouwen, ja soms zelfs een begin van zelfvertrouwen dan wordt men zich er van bewust dat die grote groep toch wel erg langzaam voortgaat op de levensweg. Wanneer iemand steeds meer het besef krijgt sneller te willen gaan op het pad van de evolutie en hij bezit voldoende moed, om dit besef te ondersteunen, gaat hij op eigen kracht voort naar de derde woonlaag.
Op de 3e woonlaag werkt hij volhardend aan zijn emoties en hij begint onderscheid te maken tussen zijn begeerten, zijn behoeften, emoties en gevoelens. Hij studeert ijverig en gaat de emoties met zijn verstand te lijf; hij schaamt zich er een beetje voor. Hij beredeneert de zaken op een verstandelijk zintuiglijke manier en meent dat hij al zijn eigen beweringen materieel moet kunnen ondersteunen of bewijzen. Dan pas zijn het voor hem verantwoorde zekerheden. Hij verzekert zich van de wieg tot het graf.
Zijn levensdoel is, materieel comfortabel overleven, en hoop houden voor de laatste reis. Doch als hij zich er uiteindelijk van bewust wordt, dat materie maar tijdelijke zekerheid kan bieden, richt hij zijn blik naar binnen, want zijn gevoel zegt hem dat er meer moet zijn en zo komt hij binnen het bereik van de 4e etage.
Op de 4e woonlaag spelen emoties geen rol van betekenis meer, ze kunnen nog wel eens opspelen, maar zo zoetjesaan verdwijnen ze steeds meer naar de achtergrond. Ook het geloof verdwijnt achter de horizon; natuurlijk niet helemaal definitief, maar het emotionele geloven van de godsdiensten is een gepasseerd station. Steeds minder vertrouwt hij zijn zintuigen en steeds meer hecht hij zich aan de wetenschappelijke kennis. Het bevredigen van zijn behoeften en het ontwikkelen van zijn gevoelens voor kunst en schoonheid, nemen de plaats in van emotie en geloof.
Op dit niveau van leven weet hij dat hij alleen goed kan zijn voor zichzelf als het de ander ook goed gaat en hij weet dat hij alleen goed kan zijn voor de ander als het hem zelf ook goed gaat.
Verder op dit pad gaan hoofd, hart en hand beter samenwerken, waardoor iedere arbeid geleidelijk verandert in scheppen. Scheppen kunnen we alleen als we ons voldoende kunnen concentreren, als de wil, het gevoel en de handen op dezelfde golflengte staan afgesteld. Wanneer lichaam, ziel en geest op hetzelfde trillingsgetal werken zijn we een schepper geworden.
Op de 5e woonlaag is hij iemand en niemand beoordeelt hem nog. Hij is die hij is en hij heeft vrede met zichzelf. Hij heeft de leerling, de gezel en de meester in zichzelf aanvaard. Dit drievoudige bewustzijn heeft een "modus vivendi" bereikt. Hij heeft een levensstijl ontwikkeld, waar aan alle drie de componenten recht wordt gedaan. Deze mens leeft bewust in het heden. Het heden is de som van het verleden en toekomst. Hoe beter je het verleden (herinnering) en de toekomst (visie) kent, hoe bewuster je in het heden kunt leven.
Je zou het zo kunnen zeggen: De mensen op de vijfde woonlaag waken in de tuin van Gethsemane, terwijl hun volgelingen slapen.
TREFWOORDEN
Aan de hand van een aantal trefwoorden gaan we op zoek naar de samenleving waarvan we een onverbrekelijk onderdeel zijn. Als eerste Problemen:
Problemen bestaan er in elk leven en het zijn eigenlijk vraagstukken van de leerschool moeder aarde die, wanneer ze zijn opgelost, de mens weer een stap verder brengen in zijn evolutie. Op iedere woonlaag zijn dezelfde problemen in een ander jasje gestoken passend bij de vooropleiding en de geestelijke ontwikkeling.
PROBLEMEN
1) De overlever reageert heel emotioneel op zijn problemen, hij veroorzaakt ze zelf. Meestal lost hij ze niet op, als hij geluk heeft vergeet hij ze op de lange duur. Onopgeloste situaties kunnen echter elk moment de kop weer opsteken, dan zijn ze weer een aantal dagen hinderlijk aanwezig.
2) De godsdienstige mens verdoezelt zijn problemen. Als het niet anders kan zoekt hij voor zijn moeilijkheden hulp bij een derde persoon. Aangezien hij gevoelsmatig weet dat hij zijn eigen boontjes nog niet kan doppen, zoekt hij bij voorkeur hulp bij een mythische figuur met goddelijke uitstraling.
3) De zintuiglijk reagerende mens; hij noemt zichzelf onveranderlijk een verstandsmens wat hij beslist niet is, beredeneert alles vanuit zijn zintuigen. Hij kan zien, proeven, horen of betasten waar het probleem ligt en hoe hij het wellicht kan ontwijken of bestrijden.
4) De wetenschappelijke mens bestudeert de materie en ziet al snel waar de schoen wringt en welk model in dit onderhavige geval toepasbaar is. Hij deelt het probleem in -ook zijn eigen!- en zoekt de bijpassende oplossing.
5) De religieuze mens, begrijpt hoe de samenleving functioneert. Hij aanvaardt dat er tussen personen problemen kunnen ontstaan. Hij ontwijkt het probleem zo veel als hij kan en leeft in vrede verder. Na deze moeilijkheden en problemen zullen er immers weer een andere de kop opsteken.
OPMERKING
Natuurlijk weten we dat niemand exact binnen een bepaalde verdieping leeft. De wetenschappelijke mens van de vierde verdieping kan reageren als een overlever, wanneer zijn kinderen iets wordt aangedaan. Hij reageert soms als een gelovige wanneer een geliefde erg ziek is of sterft, daarnaast zoekt hij dikwijls materiële zekerheden alsof hij nog op de derde woonlaag leeft.
DRIJFVEREN
Drijfveren zijn van de natuur ontvangen innerlijke krachten, motivaties of beweegredenen, maar ook vooroordelen waarom we iets al dan niet doen. Evolutie en bewustwording wil dan ook zeggen dat we onze eigen motivaties leren kennen. Alles waar we aan werken behoort in een goede verhouding te staan met onze innerlijke motivatie. Wanneer we werken aan projecten waar we innerlijk geen band mee hebben zal ons dit ongelukkig maken.
Arbeid zal dan een straf zijn.
1) Van de mens op de onderste woonlaag kunnen we zeggen dat hij onwetend is van de eigen drijfveren.
2) Voor de mens op de tweede woonlaag geldt dat hij bang is voor de eigen drijfveren.
3) De mens op de derde woonlaag bezit mogelijkheden de eigen drijfveren te benutten voor materieel gewin.
4) Op de vierde woonlaag wordt de energie van de drijfveren benut voor maatschappelijk en sociaal scheppend werk.
5) Op de vijfde woonlaag wordt deze energie op geestelijk gebied benut.
LEVENSLOOP (DE EIGEN)
Ook ons eigen leven kunnen we in de piramide herkennen.
1) Op de onderste woonlaag zijn we een baby, een kleuter en een tiener. We zijn afhankelijk van onze omgeving.
2) Op de tweede woonlaag zijn we een tiener die de wereld ontdekt. De emoties Geloof en Hoop maar vooral Liefde spelen nu een grote rol.
3) Op de derde woonlaag zijn we afgestudeerd en gesetteld. We hechten ons aan de materie en we weten nu hoe we comfortabel kunnen overleven.
4) Op de vierde woonlaag bouwen we dit materialisme geleidelijk weer af en vragen we ons af: Was dit het nu ? of is er nog meer?
5) Op de vijfde woonlaag trekken we ons terug uit het drukke maatschappelijke leven. Soms ontstaat er een zekere bereidheid terug te keren naar het onbekende gebied. Dikwijls leeft men een teruggetrokken leven.
IDENTITEIT
1) Op het 1e niveau legt men zijn identiteit in het stoffelijke lichaam.
Een sterk lichaam is hier van groot belang.
2) Op het 2e niveau legt men zijn identiteit in de eigen emoties.
Hier volgt men graag de eigen sociale of godsdienstige vooroordelen
Men IS katholiek, doopsgezind, gereformeerd, socialist of humanist.
3) Op het 3e niveau legt men zijn identiteit in het materiële bezit. Men identificeert zich met het huis -de auto -de aandelen. Mensen levend op dit niveau die veel bezit hebben vergaard denken soms dat ze daardoor iets zijn. Ze identificeren zich met de materiële buitenkant van het bestaan.
4) Op het 4e niveau legt men zijn identiteit in de verworven kennis. Men kan nog wel veel meer stoffelijk bezit vergaren dan op het derde niveau, maar het bezit hen niet. Men identificeert zich daar niet meer mee.
5) Op het 5e niveau legt men zijn identiteit in zijn geest. Men leeft geheel vanuit zichzelf en men ziet de materie, maar ook het eigen lichaam, als het voertuig van ziel en geest.
VERTROUWEN
1) Vertrouwen is op de onderste woonlaag weinig aanwezig, de grote wijsheid is hier dat je niemand kan vertrouwen. Sommigen zeggen dat ze zichzelf nog niet eens vertrouwen.
2) Op de tweede woonlaag is er vertrouwen in de politieke leider die het beste bij de eigen vooroordelen past, of het geloof, dat een bepaalde godsdienst van ons verlangt.
3) Vertrouwen is op de derde woonlaag het grootst in materiële zekerheid, hier ook wat meer vertrouwen in zichzelf en weer wat minder in de naaste, men is altijd op z'n qui vive, het is altijd een zaak van behoedzaam manoeuvreren. Men vertrouwt het liefste de eigen waarneming, het zintuiglijke bewijs is en blijft doorslaggevend.
4) Op de vierde woonlaag ontstaat er een universeel vertrouwen. Men weet wat er allemaal kan gebeuren en heeft geleerd met deze wetenschap te leven.
5) Op de vijfde woonlaag geeft het herstelde vertrouwen en overtuiging de gezochte zekerheid
LIEFDE
Liefde laat zich ook op de verschillende niveaus uitleggen.
1) Op het basale niveau is een materieel seksuele liefdeservaring het meest voor de hand liggend. Man en vrouw volgen de stem van hun hormonen. Als dan blijkt dat dit een aangename bezigheid is, kan zo’n leven een hele tijd heel plezierig zijn. Deze liefde is blind.
2) Op het tweede niveau volgt men de stem van de hormonen en het hart. In deze fase worden de emotionele hormonen geleid door de emotionele liefde uit het hart. Door het kerkelijke gebod "gaat heen en vermenigvuldigd u" krijgen de hormonen een motivatie. Ook deze liefde is blind.
3) Op het derde niveau volgt men de stem van hormonen, hart en zintuigen. Nu komt er een samenwerking tot stand tussen hormonen, liefde en verstand en kan men verstandiger omgaan met de biologische mogelijkheden en deze zelfs begrijpen. Deze liefde is bewust.
4) Op de vierde woonlaag ontstaat er mededogen met alles wat leeft op de universele jakobsladder. Hormonen, hart, zintuigen en verstand begeleiden dit proces. Het huwelijk wordt meer en meer gezien in een breder sociaal perspectief en wordt daarmee een onderdeel van de opstijgende en neerdalende liefdesketen.
5) Op het vijfde niveau wordt de liefde meer universeel. Men zoekt en vindt zijn tweelingziel. Wijsheid begeleidt alle emoties en gevoelens.
Ik wil er overigens wel graag nog eens de aandacht op vestigen dat al deze levensfasen latent bij ons aanwezig blijven. We nemen dus geen definitief afscheid van de lagere woonlagen, maar kunnen ze zelfs te hulp roepen wanneer de levensomstandigheden dit vereisen.
GELUK
1) Op het eerste niveau geeft voldoende te eten en een goede gezondheid een gelukkig gevoel. Gezond en sterk zijn is hier het belangrijkste. Dat geeft geborgenheid en veiligheid.
2) Op het tweede niveau is het van groot belang dat men de juiste groep vindt waarbinnen men kan functioneren. Dat schenkt hier de gezochte geborgenheid en veiligheid.
3) Op het derde niveau ligt het geluk meer in het bezitten van iets. Materieel bezit geeft hier een echt goed gevoel. Dat geeft geborgenheid en veiligheidsgevoel.
4) Op het vierde niveau ligt het geluk in het weten. De verzamelde kennis en het inzicht maakt deze mens gelukkig. Op dit niveau is het mogelijk geborgenheid en veiligheid vanuit jezelf te ervaren.
5) Op het vijfde niveau ligt het geluk in het zijn. Wie je werkelijk bent is hier van groot belang. Jezelf en je omgeving aanvaarden zoals ze zijn geeft een groot geluksgevoel.
STUDEREN
1) Op de onderste woonlaag komt er nog weinig van een echte studie terecht. Men leert de landstaal en rekenen. Mogelijk ook enige algemene ontwikkeling en vaktechnisch onderwijs. Men verwerft een zekere meestal ongeschoolde handvaardigheid.
2) Op de tweede woonlaag studeert men dikwijls op gevoelsniveau. De tweede woonlaag studeert iets op godsdienstig terrein of in sector maatschappelijke hulp.
3) Op de derde woonlaag zoekt men het meestal in een materiele vorm. Men studeert graag een realistisch vak. Dikwijls kiest men een vak dat goed bij de persoon past, wat hij leuk vind. Veel van deze mensen noemen zich realisten.
In het algemeen kunnen we over de drie onderste woonlagen zeggen; dat hetgeen het beste bij iemands vooroordelen past, dat neemt hij eenvoudig aan, hoeft hij niet zo nodig te zien, te voelen, of aan te raken. Dat wat niet in zijn straatje past noemt hij zweverig en niet wetenschappelijk, of gewoon dom.
4) Op de vierde woonlaag studeert men op verstandsniveau. Hier is het spectrum groter, de algemene ontwikkeling wordt breder alsook het taalgebruik. Er wordt rekening gehouden met de financiële gevolgen van de studie. Heeft het zin dit allemaal te leren? kan ik deze kennis later rendabel maken is hier dikwijls het criterium.
5) Op de vijfde woonlaag is de studierichting dikwijls academisch. Men activeert de kennis die nodig is om een bepaald project te verwezenlijken, of om een idee uit te dragen. Behalve om te overleven wordt op het vijfde niveau alleen gezocht naar antwoorden op de eigen vragen.
LICHT
Een materiële uiting van onze zoektocht naar het Grote Licht, zijn onze rijk verlichte huizen straten en pleinen. Wij verlichten de duisternis buiten ons, om tegelijkertijd aan onze innerlijke duisternis te kunnen werken.
Denk aan de grote werken van Hercules. Hij temde de driftige paarden en werd tijdens deze zware arbeid innerlijk een volwassen mens die de teugels van zijn leven in eigen handen nam.
Het licht dat wij ons in onze buitenwereld verschaffen is het symbool van onze zoektocht naar het Licht. Zoals het huidige drukke verkeer onze zucht naar geestelijke vrijheid symboliseert, zo symboliseert ons verlichte huis ons -misschien nog onbewuste -hunkeren naar het grote Licht.
Veel ouderen spannen in het voorjaar hun auto met caravan in en kiezen de vrijheid die ze zichzelf zolang hebben onthouden. Waar ze niet aan toe zijn gekomen, omdat ze nog zo hard moesten werken. Deze inhaalrace geeft duidelijk onze behoefte aan vrijheid aan en de gezochte uiterlijke vrijheid symboliseert het zoeken naar innerlijke geestelijke vrijheid. Het huidige verkeer met zijn vele files symboliseert de vele gedachtevormen welke in de mensheid leven en soms vastlopen. Het elektrische licht van onze woning symboliseert het verlangen naar verlichting van de geest.
1) Deze mens of samenleving: leeft onbewust in (geestelijke) duisternis.
2) Deze mens of samenleving: leeft bewust in (geestelijke) duisternis.
3) Deze mens of samenleving: leeft onbewust in het Licht.
4) Deze mens of samenleving: leeft bewust in het Licht
5) Deze mens of samenleving: is een Licht.
WERKEN
Op 1 werken we met onze handen
Op 2 werken we met onze handen en ons hart
Op 3 werken we met onze handen en ons hoofd
Op 4 werken we met hoofd en hart en hand
Op 5 scheppen we met lichaam, ziel en geest.
AGRESSIE
De mens op 1)
Leeft zijn agressie primair uit. Hij is kwaad en slaat erop.
De mens op 2)
Reageert ook primair op zijn agressie, maar hij is er wel een beetje bang voor en smeekt om hulp of organiseert een staking.
De mens op 3)
Kan zijn agressie een tijdje beheersen maar daarna komt toch nog een uitbarsting.
De mens op 4)
Krijgt zijn agressie steeds meer onder controle
De mens op 5)
Begrijpt dat agressie in alle hoogontwikkelde culturen een groot probleem is geworden. De overheid eist van haar onderdanen aanpassing op velerlei gebied. Dat betekent dat iedereen zich dient aan te passen aan de heersende moraal en dat roept veel openlijke en verborgen agressie op. De openlijke agressie vormt de inhoud van de couranten. De zogenaamde kleine of grotere delicten.
De verdrongen agressie komt in de vorm van kwalen ook terug bij de maatschappij. De ziekenhuizen zijn de moderne slagvelden waar mensen hun onbewuste verdrongen agressie in de vorm van ziekten uitvechten met hun eigen lichaam.
WIJZE VAN OORLOGVOEREN
Op 1
Vinden we de struik - en straatrovers, Familievetes worden uitgevochten. Er worden bendes gevormd. D belangen zijn emotioneel. Eerwraak van de familie etc.
Tegenwoordig ook zelfmoordcommando’s.
OP 2
Vinden we grote langdurige oorlogen met veel mankracht en een groot aantal slachtoffers. De 1e en 2e Wereldoorlog werden op dit niveau gevoerd! De belangen zijn meestal Territoriaal, Godsdienstig, een idee of een waandenkbeeld. Slepende conflicten (Israël/Palestina) met ook hier zelfmoordcommando’s.
Op 3
Vinden we goed georganiseerde meestal korte oorlogen met veel materiaal. Denk aan De Golfoorlogen. Economische belangen.
Op 4
Besteed men zijn energie aan de bestrijding van conflicten.
Vredesmissies. Met kracht de vrede handhaven.
Op 5
Vinden we de conferenties.
Er wordt getracht de conflictstof op een redelijke wijze tijdig onschadelijk te maken.
CRIMINALITEIT
De samenleving van het onderste niveau zal zich geconfronteerd zien met dieven die het hebben voorzien op hun levensmiddelen, gebruiksartikelen en genotmiddelen.
De samenleving van het tweede niveau wordt geconfronteerd met dieven die belangstelling hebben voor gebruik -en luxe artikelen en geld.
De samenleving van het derde niveau ontdekt dat de inbrekers meer en meer belangstelling hebben voor de inhoud van hun portemonaie. Papiergeld en waardepapieren worden steeds aantrekkelijker.
De samenleving van het vierde niveau wordt lastiggevallen door criminelen die zich via malversaties verrijken. Deze mensen zijn soms zeer vindingrijk. Ook is op dit niveau de kennis van procestechnieken interessant.
Op het vijfde niveau is de criminaliteit geheel een geestelijke bezigheid geworden. Hier wordt nog slechts naar kennis gezocht.
BEWUSTWORDING
1) Basaal bewustzijn
Op de onderste woonlaag ontstaat geleidelijk een vorm van bewustwording. Men ontdekt de ander, maar alleen in de naaste omgeving. Men maakt zich hooguit zorgen over de basisbehoeften van het eigen gezin of familie.
2) Godsdienstig bewustzijn
Op deze verdieping ontstaat geleidelijk het inzicht dat grotere machten ons bestaan beheersen. Men gaat op zoek naar hulp en is daarmee chantabel geworden. Door schade en schande behoort hij wijs te worden.
3) Individueel bewustzijn
Op deze verdieping heeft de mens zich losgemaakt van het collectieve schuldgevoel. Hij gaat zijn eigen weg en wordt zich bewust van zichzelf en zijn omgeving . Hij zoekt naar mogelijkheden deze te exploiteren.
4) Mentaal bewustzijn
Deze mens ontdekt dat hij niet alleen een individu is die zich op eigen kracht staande dient te houden, maar dat hij ook een onderdeel is van de mensheid als geheel. Hij voelt zich een wereldburger.
5) Kosmisch bewustzijn
De mentale mens die verdergaat op dit pad ontwikkelt zich tenslotte tot een kosmisch mens. Hij ontdekt de draden van zilver en goud waarmee schepping en verlossing zijn verbonden.
WELZIJN
Wanneer u dan nu nog eens uw blik over de tekening van de piramide laat gaan en die vijf verschillende evolutiefasen in u opneemt, zult u misschien tot de ontdekking komen, dat de meeste mensen redelijk gelukkig kunnen zijn binnen hun eigen omstandigheden. De stoffelijke welvaart kan flinke verschillen te zien geven, maar welzijn is op elk niveau van de samenleving heel goed mogelijk. Iedere fase kent zijn eigen halve en hele waarheden, zijn verhalen, mythen, kortzichtigheden en eigen wijsheden.
Ook allen kennen we onze eigen waarheid, waarbij wel opgemerkt kan worden dat hoe hoger het bewustzijn is ontwikkeld, hoe breder draagvlak de bijbehorende waarheid bezit.
Op 1 vinden we ons welzijn in voldoende voeding en beschutting
Op 2 vinden we ons welzijn binnen onze groepsgeest
Op 3 vinden we ons welzijn in onze bezittingen
Op 4 vinden we ons welbevinden in onze kennis
Op 5 vinden we ons welbevinden in onze Wijsheid
WETENSCHAP
Ook de latere wetenschap heeft voor deze fasen van ontwikkeling een onderscheid gemaakt en ik behoor deze in dit verband wel te noemen. Ik krijg nogal eens het verwijt dat mijn geschriften te weinig wetenschappelijk zijn. Dat klopt voor honderd procent, want mijnsinziens kun je deze materie nauwelijks wetenschappelijk benaderen.
Het ene deel van de mensheid leeft nog op emotioneel niveau en heeft geen weet van nuchter wetenschappelijk denkwerk en anderen leven op zo'n hoog geestelijk peil dat de materiële zekerheden van de wetenschap hen niets meer zeggen.
Daartussen leeft misschien wel de grootste groep die beurtelings kiezen voor het ene of het andere wetenschappelijke bewijs, of voor de dogma's van een bepaalde godsdienst.
Hoewel ik persoonlijk dus niet onder indruk ben van allerlei wetenschappelijke dogma's en wetenswaardigheden -zij leiden, precies als de godsdiensten, de aandacht meer af dan dat zij zich concentreren op wezenlijke zaken -kan de wetenschap natuurlijk heel goed standaard indelingen maken betreffende de hiërarchieke weg van de evolutie die de mensheid gaat. Deze indeling wijkt overigens nauwelijks af van de bovenstaande.
------
4
Bewuste competentie
-----------------
3
Onbewuste competentie
---------------------
2
Bewuste incompetentie
--------------------------
1
Onbewuste incompetentie
-----------------------------
De wetenschap kent vier fasen van ontwikkeling en zij benoemt de onderste fase als een gebied van onbewuste incompetentie. (Men is nog onbekwaam, maar zich daarvan niet bewust).
Men denkt dat iedereen zo leeft en denkt als zij, maar dat anderen meer geluk hebben gehad.
De tweede fase benoemen zij als bewuste incompetentie. (Men is nog steeds onbekwaam, maar zich daar nu wel van bewust en geleidelijk wil men er iets aan gaan doen, maar men weet nog niet hoe). Als het helemaal niet gelukt kan men moedeloos worden en dan ontstaat al snel het gevoel van: als je voor een dubbeltje geboren bent etc.
De derde fase wordt door de wetenschap gekenschetst als een van onbewuste competentie. (Men bezit de nodige kwaliteiten maar is zich daarvan nog niet bewust). Hier zijn de mogelijkheden wel aanwezig een mentaal welbewust leven te leiden, maar men ontdekt meestal nog niet hoe men een vrij geestelijk bestaan kan realiseren. Op materieel gebied slaagt men echter wel.
De vierde fase is een fase van: bewuste competentie. (Men wordt zich geleidelijk bewust van de eigen kwaliteiten). Hier vallen de stukjes van de legpuzzel op hun plaats, men wil liever niet in armoede leven, en dikwijls zijn deze mensen zelfs rijker dan in de derde fase, maar voor hen is rijkdom niet het belangrijkste. Zij willen zichzelf realiseren en goed zijn in waar ze goed in zijn.
¹) De huidige wetenschap benoemt de vijfde fase niet omdat ze niet materieel bewezen kan worden.
Ik wil in mijn verhalen altijd graag zo dicht mogelijk bij de wetenschappelijke kennis blijven. Het is voor mij echter niet aanvaardbaar dat ik universele waarheden welke door de wetenschap (nog) niet materieel zijn bewezen als onwaar, of niet ter zake doende, terzijde zou leggen. Er is immers meer tussen hemel en aarde dan de wetenschap tot heden kan bewijzen.
RELIGIE
Velen van ons kennen het mythische bijbelverhaal over de exodus van het Israëlische volk uit Egypte. Natuurlijk leggen Joden en Christenen ook dit verhaal stoffelijk uit. Deze Exodus beschrijft de evolutie op dezelfde wijze als de nieuw testamentische mythe over Jezus. Wanneer godsdienst en wetenschap zich verenigen tot religie zien we de diepte van deze mythe. Zo kunnen we het verhaal volgen en ontdekken daarbij dat we alle mijlpalen van de piramide van Maslov passeren.
1) Op de onderste woonlaag leven we als slaven in Egypte met geen andere behoeften dan overleven.
2) Door Mozes tot leven gewekt verzamelen we ons en trekken door de Schelfzee. De enorme emoties, vooroordelen en geloof kunnen grote golven veroorzaken, maar als door een wonder bereiken we toch de overkant.
3) Na deze periode van woelige emoties komen we op het droge woestijnzand terecht. We worden een individu die alles wil onderzoeken en geheel vertrouwt op zijn zintuigen. Naarmate we ons meer vervelen worden we een materialist en dansen rond het gouden kalf.
4) Door Mozes terechtgewezen breekt geleidelijk het licht door en ontdekken we dat er meer moet zijn dan het geld verzamelen in de materialistische dorre woestijn. We worden ons er van bewust dat we onszelf schromelijk te kort doen en gaan op zoek en nu niet meer naar mooier en groter, maar naar onszelf. We laten de buiten wereld een beetje achter ons en keren onze blik naar het innerlijk. Zo wassen we ons in de Jordaan, (we bekeren ons) en gaan op een hoger niveau leven.
5) Op dit niveau zijn we in het beloofde land aangekomen. Kanaän ligt aan onze voeten. Jeruzalem is binnen bereik, we zijn geen tempelbouwers meer, maar zijn tempeldienaren geworden.
ASTROLOGIE
De meeste astrologen werken met een vast computerprogramma en velen van hen zijn helaas weinig deskundig in de uitleg van de overmaat van gegevens die zo,n programma produceert. Ook in de astrologie is kennis van de hiërarchische opbouw van de samenleving van groot belang. Zoals het geen zin heeft een kind van de lagere school te examineren in het vak hogere wiskunde, zo is het immers ook niet zinvol een mens van de laagste woonlaag te duiden op hogere geestelijke planeten. Meer nog, het is misleidend en fout!
Hem worden op deze wijze kwaliteiten -zowel positieve als negatieve - toegeschreven die hij niet kán bezitten. Daarnaast is het onmogelijk dat een astroloog, levend op het derde niveau, iemand van het vierde of vijfde niveau zou kunnen duiden daar zulk een leven zich buiten zijn gezichtsveld afspeelt. Dit is overigens ook van toepassing op maatschappelijk werkers en sociologen, ook zij kunnen dan alleen maar scholastisch interpreteren. Deze kennis schiet in sommige gevallen in hoge mate tekort.
1) Een mens levend op de onderste woonlaag van de behoeftehiërarchie van Abraham Maslov is nog niet toegankelijk voor hogere geestelijke impulsen en kan daarom voldoende beschreven worden door zijn/haar Zon, Venus en Mars te analyseren.
(Persoonlijkheid, Aantrekkingskracht en Daadkracht).
2) Een mens levend op de tweede woonlaag wordt dan geduid op zijn/haar Zon, Maan, Mercurius, Venus, Mars.
(Persoonlijkheid, Essentie, Kennis, Aantrekkingskracht en Daadkracht).
3) Op het derde niveau duiden we de mens naar zijn/haar Zon, Mercurius, Venus, Mars, Saturnus..
(Persoonlijkheid, Kennis, Aantrekkingskracht, Daadkracht en Werkelijkheidszin )
4) De mens levend op het vierde niveau kunnen duiden we naar zijn/haar Zon, Maan, Mercurius, Venus, Mars, Jupiter,
(Persoonlijkheid, Essentie, Kennis, Aantrekkingskracht, Daadkracht, Vertrouwen)
5) Levend op het hoogste niveau is de mens onafhankelijk geworden van een groot aantal krachten uit ons sterrenstelsel. Deze kosmische mens duiden we op zijn/haar Zon, Mercurius, Jupiter en Saturnus. (Persoonlijkheid, Wijsheid, Broederschap, Werkelijkheidszin, Standvastigheid).
ALCHIMI
De alchimist die in de middeleeuwen (tijdens de verdere verstoffelijking van de mens) uit het sombere lood van Saturnus het glanzende goud van de Zon trachtte te transformeren geeft via dit symbolische proces ook een model van de evolutie aan.
1) Op het onderste niveau is sprake van de alchemistische fase van Calcinatio, hier brandt het vuur dat de materie zal vormen, en Sublimatio dat symbool staat voor een eenvoudige aan de natuur aangepaste leefwijze.
2) Op het tweede niveau maken we kennis met Solutio. Hier komen tegenstellingen tot rust in een geloof en vertrouwen in een betere toekomst. Dit proces vervolgt zich in het zogenaamde Putrefaktio waar de rust wordt aangetast door de spijsverteringssappen van het leven waardoor een individu kan ontstaan.
3) Dit niveau kan in verband gebracht worden met de alchemistische fase Destillatio. De individuele mens gaat los van zijn samenleving door het persoonlijke vagevuur. In deze zware leerschool van circulatie en correctie (herhalingen) wordt de ziel gereinigd en wordt de structuur van de mens gewijzigd.
4) Op dit niveau spreekt men van de fase van Koagulatio. Hier wordt het ik van de mens versterkt. De persoon kristalliseert als het ware uit. De individuele zoekende mens uit de derde fase ontvangt via dit proces een duurzame zelfstandigheid. De reine ziel brengt slechts goede vrucht voort en kan de vuurproef van de alchemistische schepper doorstaan.
5) Op het vijfde en hoogste niveau kan de mens met de reine mentale ziel het alchemistische proces van Fixatie doormaken waardoor hij voor alle hogere arbeid geschikt wordt gemaakt.
De middeleeuwse alchimist trachtte via Lood, ijzer, koper, zilver het glanzende goud te bereiken. De astroloog herkent in deze metalen de planeten Saturnus, Mars, Mercurius, Jupiter en de Zon. De esotericus herkent in deze materiële transformatie het geestelijke Magnum Opus dat ieder mens dient te volbrengen.
DE EVOLUTIE IN DE VERSCHILLENDE WOONLAGEN
*) De primitieve Overlever van de eerste woonlaag werd in de tweede woonlaag een gekerstende gemeenschapsmens.
*) De primitieve kracht van de overlever, samen met de geloofsijver van de gemeenschapsmens vindt daarna voldoende moed en kracht, om tenslotte een zelfstandig goed functionerend mens te worden.
*) De levenskracht van de onbewuste overlever, samen met de hoop van de groepsbewuste gemeenschapsmens schenkt ons tenslotte het bewuste individu.
Toch moeten we ons er wel terdege van bewust blijven, dat in dit individu alle drie krachten aanwezig zijn. Het is namelijk niet zo dat we bepaalde zaken uit het verleden voorgoed achter ons kunnen laten, integendeel, ze blijven altijd bij ons, alleen leren wij, hoe we ermee om moeten gaan, hoe we er mee moeten leven, hoe we ze kunnen benutten of beheersen en onder controle kunnen houden.
Er valt immers wel een ordening op te maken en wel deze: allereerst dient de animale mensenziel te leren, hoe hij in het mentale gebied van de aarde kan overleven.
Pas daarna kan hij zijn emotie leren beheersen en zijn verstand door middel van studie trachten te activeren.
Zodra hij zich materieel kan redden treedt de volgende fase in werking waarna uiteindelijk wijsheid zijn deel kan worden. Wijsheid en Kracht scheppen daarna Schoonheid.
GEZONDHEID
1)
Bij de samenleving op het onderste niveau is de medische kennis nog gering. Men heeft enige kennis van de heilzame werking van sommige kruiden, maar daar blijft het meestal bij. Er wordt iets gedaan aan gezond drinkwater terwijl er soms ook riolering wordt aangelegd. Hierdoor kunnen sommige besmettelijke ziekten voorkomen worden.
2)
De samenleving van het tweede niveau heeft de verdoving ontdekt, zoals Lachgas. Hierdoor werden eenvoudige operaties mogelijk. Op dit niveau kan men al enigszins reageren wanneer een mens al ziek is.
3)
De samenleving van het derde niveau heeft de antibiotica ontdekt. Nu zijn er veel meer medische mogelijkheden. Vaccinatie en medicatie voorkomen veel ernstige kwalen.
4)
De samenleving van het vierde niveau zal de gén therapie ontwikkelen. Nu kan men daadwerkelijk ingrijpen in de geërfde kwalen.
5)
De welhaast utopische samenleving op het vijfde niveau zal mensen te zien geven die in harmonie leven. Op dit niveau kunnen lichaam, ziel en geest als een eenheid functioneren.
GELOVEN
De weg die wij allen gaan is die van overlever naar zelfstandig individu
In de onderste drie fasen speelt het geloven -het waar dan ook in geloven -een hoofdrol. In dit deel van onze evolutie barsten we van de vooroordelen en geloven we letterlijk van alles. Meestal doen we dat omdat het ons aan voldoende kennis ontbreekt. Dikwijls zijn het vooroordelen die ons door opvoeding en samenleving zijn bijgebracht, maar ook in onze van oorsprong animale ziel wemelt het van de vooroordelen. Of we geloven onze eigen emoties, godsdienst, politiek, of we geloven dat onze zintuigen betrouwbaar zijn. De één gelooft dat hij voor een dubbeltje is geboren, -dat komt veel op de onderste woonlaag voor -. De ander gelooft dat hij een zondaar is, of dat hij financieel benadeeld wordt -dat komt veel op de tweede woonlaag voor -.
De derde gelooft in materiële en financiële zekerheid, hij moet goed voor zichzelf zorgen -dat komt op de derde woonlaag veel voor -.
Of we nu geloven dat het er toch allemaal niets toe doet, of we geloven in sociale zekerheid, trimmen, sporten, in onze zintuigen, in homeopatische geneesmiddelen, of we vertrouwen liever op wetenschappelijk bewijs, op een verlosser, een koopsompolis, noem maar op, het blijft geloven, het blijft altijd het vertrouwen stellen in iets buiten jezelf.
Volgens mevrouw Blavatsky leerde de grote Hermes al dat kennis verschilt van zintuiglijke waarneming. Kennis is voor mij een samenvoeging van scholastische lessen en eigen ervaringen en waarnemingen. Echte kennis, dus kennis ontdaan van vooroordeel, is op de onderste drie woonlagen nog niet aanwezig.
Op de vierde woonlaag evolueren de zintuiglijke waarnemingen en ervaringen naar kennis.
Op de vijfde woonlaag evolueert kennis naar zelfkennis en Wijsheid.
GOED EN KWAAD
Een aantal opmerkingen over Goed en kwaad
Op de onderste drie niveaus waren we onzeker, het ontbrak ons aan vertrouwen en we hadden behoefte aan duidelijkheid, daarom hebben we alles verdeeld in goed en kwaad. De onbewuste overlever knokte zich er doorheen. De stamoudste stelde de grenzen vast, zo wist hij wat goed en wat verkeerd was.
De groepsbewuste gelovige stelt daarna vast dat hij een zondaar is, maar vindt voor zichzelf vergeving bij zijn Goede Herder.
De bewust denkende individuele mens constateert dat het verkeerd is om anderen te vertrouwen, daarnaast heeft hij geconstateerd, dat om een comfortabel leven te leiden een financieel goed doorwrocht plan een eerste vereiste is. Hij denkt er goed aan te doen zich van de wieg tot het graf te verzekeren. Eigenlijk is hij op een hoger plan aan het overleven, maar tenslotte overwint ook hij zijn overdreven angst voor stoffelijke armoede en richt zijn blik op geestelijke rijkdom en vrijheid.
Op de vierde weg komen andere realiteiten binnen ons gezichtsveld. Het individu, de zintuiglijke waarnemer, van de derde woonlaag, die ontstond uit de overlever en de gemeenschapsmens, verbond tenslotte zijn hoofd en hart met elkaar en werd een bewuster levend mens die voldoende moed bezat om zijn gevoelens en inzichten te durven volgen.
Wanneer straks, weer verder op het evolutionaire pad, hoofd en hart een verbond hebben gesloten, wordt het denken getoetst aan dit "weten".
Dan vallen er in dit leven, weer een behoorlijk aantal stukjes van de legpuzzel op hun plaats.
Op dit vierde niveau bestaat steeds minder de behoefte om te oordelen over onze medemens. We beschuldigen hem niet meer zo vaak en we veroordelen hem wat minder snel en dus hoeven we hem ook nog maar zelden te vergeven. Vergeven is immers altijd de derde fase in de serie van drie: (beschuldigen –veroordelen -vergeven).
Op de vierde weg aangekomen is de mens gaan denken -is hij na gaan denken -en hij ontdekte dat het leven een brug is tussen geest en materie en dat hij zelf tegelijkertijd die brug is en er op mag leven. En hij heeft ingezien dat het leven dient om te leren. Om er iets van op te steken, om er wijzer van te worden. Hij ontdekte dat zijn leven bestaat uit kennis verzamelen. Dat de aarde een leerschool is. Hierdoor kan hij nu inzien dat oorlog en vrede niet zinloos kunnen zijn. Tenzij hij van mening zou zijn dat hij er niets van kan leren. Dat niemand er iets van kan leren.
De mens op het vierde niveau heeft oorzaak en gevolg aanvaard, hij heeft ook aanvaard dat de aarde een leerschool is waar hij aanvaarden moet leren. De mens van de vierde weg heeft behalve vrede ook de oorlog aanvaard als middel van de evolutie. Oorlog en vrede, al die tegenstrijdigheden zijn -in onze causale wereld -telkens elkaars oorzaak en gevolg op de eeuwig cirkelende weg van de evolutie. De mens op het vierde niveau heeft zichzelf met al zijn dualisme aanvaard en is op weg een analoog denkend mens te worden.
Kahlil Gibran¹) bedoelde toen hij zei: "We zijn zowel de weg als degene die haar bewandelt" dat we het leven, leven en het leven zijn. Ons leven ís de weg en we leven op deze weg. We zijn zelf de weg die we gaan. Iemand zei: Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Wij zijn onze eigen weg, onze eigen waarheid en ons eigen leven. Ons leven is de weg die wij moeten gaan. Die we bewust behoren te gaan. We zijn het leven dat we leven. Daarom dienen we op ons huidige niveau bewust onderweg te zijn. Wie onbewust leeft is onbewust!
Naomi trok - nadat haar man en beide zonen waren overleden - met haar beide schoondochters terug naar het beloofde land. Orpa koos uiteindelijk toch voor de brede weg, de weg naar buiten, zij koos voor het stoffelijke bestaan. Ruth koos de smalle weg, dat is de weg naar binnen, zij wilde vanuit het eigen innerlijk het leven opbouwen. Zij was trouw aan zichzelf en aan Naomi. Orpa koos gemakshalve voor een leven van materiële voorspoed, zij koos voor glimmer en glitter, maar Ruth koos voor het spirituele goud. ²)
In ieder nieuw leven dient de mens te leren zijn angsten achter zich te laten en moed te verzamelen, zodat hij zelfbewuster durft te kiezen voor de smalle innerlijke weg. Wie zijn materiële angsten overwint ontvangt de moed voor de smalle weg te kiezen, te kiezen voor zichzelf, en daarna trouw te blijven aan zichzelf. Wat is er mooier dan zelf te leven, inplaats van het surrogaatleven in en door het buitengebeuren.
Door het leven dat we leiden te analyseren kunnen we ontdekken wie we zijn. Zo kunnen we ontdekken dat we écht zelf de weg, de waarheid en het leven zijn.
¹) De bekende schrijver van "De Profeet"
²) Eng is de poort en smal de weg die ten leven leidt en weinigen zijn er die hem vinden. Mattheus 7:14
We zijn zelf het leven, hoe moeilijk soms ook, we zijn zelf de waarheid, hoe hard en rauw hij soms ook klinkt, we zijn zelf de weg, hoe bochtig en slecht begaanbaar hij dikwijls kan zijn.
En we zijn zelf ook het licht, dikwijls een kwijnende vlaspit, maar soms ook -heel even - Helder Verlicht.
Wanneer echter oorlog, moord, wreedheid, porno, drank, drugs en sterven, nog taboe voor ons zijn, als we ze uit onze wereld en uit onze gedachten willen verbannen, als ze voor ons het kwaad vertegenwoordigen dat we liever niet onder ogen willen zien, blijven we aarzelend staan op de grens van drie en vier.
Op het vierde niveau wonen alleen realisten. Er is inderdaad veel moed nodig om een wijs mens te worden. Er behoort een bewustwordingsproces tot stand te komen dat alles wat wij weten over oorlog en vrede, over goed en kwaad, maar heel betrekkelijk is.
Dat alles wat wij goed -of afkeuren vruchten van causale arbeid zijn.
Wij behoren, als wij tenminste voorop willen gaan, meer analoog te gaan denken en een begin van een kosmisch bewustzijn te ontwikkelen, waarin geen dominante plaats meer is voor onze cultuureigen causale denkbeelden.
Op dit vierde pad ontdekken we dat goed en kwaad slechts cultuurgebonden begrippen zijn. Wanneer we oproepen tot waakzaamheid en ons inzetten om het kwaad dat ons altijd en overal omringt te bestrijden doen we niet anders dan een pleidooi houden voor onze eigen cultuur. Daar is niets mis mee. Integendeel. Maar als we als persoon verder willen komen op het pad der evolutie zullen we ook onze eigen cultuur dienen te relativeren.
Ook op het vierde en het vijfde niveau luisteren we elk jaar in de meidagen aandachtig mee naar de oproepen om waakzaam te zijn. De representanten van onze cultuur dringen intensief aan op waakzaamheid. Dit is echter alleen van toepassing voor hen die op de drie onderste niveaus leven.
Het is de ethicus die ons oproept ons cultuurgoed te beschermen. Zo kon hij ons in 1920 waarschuwen voor de grote gevaren van homofilie en in het jaar 2001 kan hij ons waarschuwen voor de onverdraagzaamheid van een Iman, die ons de gevaren van homofilie wil bijbrengen. Een ethicus is een kenner van de ethiek van het leven -op dit moment -hij past zijn dogma's aan, aan de geldende omstandigheden, zoals ook de cultuurgodsdiensten doen.
HELDERZIENDHEID
Op het vierde en zeker op het vijfde niveau leeft en werkt geen ethicus maar een esotericus. Hij is ingewijd in de geheimen van de natuur. Dit wordt bedoeld met helderziendheid. Helderziendheid is het vermogen in al wat leeft de signatuur van de diepere werkelijkheid te zien. Hij ziet niet alleen wat de ander ook ziet, maar begrijpt ook het waarom der dingen. Hij ziet niet alleen oorlog en vrede, maar begrijpt waarom deze fenomenen zich kunnen voordoen. Hij begrijpt waarom ze zich moeten voordoen. Een boom maakt zich er niet druk om dat hij in de herfst zijn bladeren verliest, hij weet dat in het voorjaar nieuwe bladeren zullen ontspruiten. De mens op vijf is een boom.
Hij identificeert zich met de boom maar wie zich identificeert met een blad leeft in een andere wereld.
De essentie van het leven aanvaarden is noodzaak om een esotericus te worden. Wanneer we vrede sluiten met het essentiële van ons bestaan ontdekken we dat er maar één wet is, waaraan alles wat leeft dient te voldoen.
Wij zijn allen op onze eigen plaats neergezet, om als een estafetteloper het Licht verder te transporteren. Over bergen en door dalen, in tijden van voorspoed en tegenspoed, in oorlog en vrede dragen wij het licht naar het punt, waar we het over mogen geven aan de volgende loper. Wie dit begrijpt heeft ook het geheim van reïncarnatie begrepen. Dit is een onveranderlijke universele wet. De rondgang van het Licht door de materie noemt de religieuze mens de wil van God. Op de eerste drie niveaus dienen we ons te conformeren aan de cultuur waarin we leven. Op het vierde en vijfde niveau dient men zich geleidelijk te conformeren aan de wil van het universum die onveranderlijk dezelfde is.
Toch blijven we een burger van de maatschappij waarin we leven. Daarom behoren we ons als een goede burger te gedragen. We dienen er zorg voor te dragen dat we van goede naam zijn. Dat we opereren binnen de wetten van het land waarin we leven en haar cultuur respecteren.
Op het universele niveau van de vijfde woonlaag maken we ons niet meer zo druk om de oorlog en de vrede van anderen. Wij hebben met hen te doen, maar het is hun oorlog, het is hun goed en kwaad. Ook zij moeten zelf door schade en schande wijs worden. Dat kun je uit een boekje niet leren, je moet het zelf aan den lijve ondervinden. Daar behoren wij vrede mee te hebben en te aanvaarden. Hun dualiteit heeft alleen voor hen zelf waarde, daar zij zich alleen langs dit pad kunnen ontwikkelen. Voorbij dit oorlogszuchtige duale bestaan ligt ook voor hen een wereld van eenheid te wachten. In deze wereld is het betuttelen van anderen niet meer aan de orde.
De mens op vier of vijf heeft immers zijn eigen eenheid ook bereikt door strijd, overwinning en nederlagen. Door schade en schande is hij wijs geworden. Hij heeft de weg afgelegd en geeft anderen de gelegenheid hun eigen strijd te voeren. Wanneer we laag ontwikkelde volkeren zouden verbieden oorlog te voeren belemmeren we hun evolutie! Mensen uit de hele wereld vinden elkaar op plaatsen waar een oorlog wordt gevoerd, en zij die aan vrede toe zijn ontvluchten zo'n gebied. Israël en het Palestijnse volk hebben op dit moment de oorlog nodig op hun pad van evolutie, en zodra dit niet meer het geval is sluiten ze vrede.
Vrede sluiten hoeven wij niet voor hen te doen en dat kunnen wij ook niet voor hen doen! Daar zorgt het universum voor. Wij hebben slechts de verantwoordelijkheid voor ons eigen doen en laten. (b.v. wapen leveranties)
Wij mogen hen onze bezorgdheid tonen. Met hen meeleven en desgewenst voor hen bidden. Bidden dat het Licht ook hun duistere zielen mag verlichten zodat aan deze wreedheid een eind kan komen.
Op het vijfde niveau heerst een sfeer die de Chinezen en Leo Wu Wei noemen. De hier vertoevende mens wordt gevoed door zijn innerlijke werkelijkheden. Hij overziet de problemen van de verschillende woonlagen. Hij kent hun worsteling met goed en kwaad. Hij weet van de strijd in ieder mens.
Hij weet dat elke cultuur zijn eigen oorlogen voert. De mens op het vijfde niveau, de "Wu Wei mens" heeft de "rat -race" van de door de mens geschapen economie achter zich gelaten. Misschien leeft hij in rijkdom, misschien werkt hij op een bescheiden schaal. Goed en kwaad zijn voor deze mens in elkaar opgegaan, oorlog en vrede zijn steeds vaker in evenwicht. Op de vierde etage vangt dit proces aan en de mens van het vijfde niveau brengt zijn bewuste en onbewuste geest definitief bij elkaar. Dan is hij weer een stap verder op de levensweg gekomen en een bewust levend deel van het universum geworden.
Op dit niveau kan zijn bewustzijn contact zoeken met het innerlijke Licht. Hij gaat wonen in hart van het leven.
De mens op vijf kent en begrijpt ook het tweede scheppingsverhaal waarin wordt verteld dat uit de androgyne Adam twee mensen werden geschapen. Deze Adam was een androgyn mens die nog geen polariteit kende en in een analoge wereld leefde. Volgens de overlevering bracht God deze Adam in een diepe slaap en nam uit hem een zijde waaruit hij Eva bouwde. Hierdoor verloor Adam zijn kosmisch bewustzijn en hij ontving daarvoor terug het causale mentale bewustzijn. Zo kwam de polariteit in de mentale wereld. Polariteit kent op elk gebied twee uitersten en zolang de mens het ene uiterste nog "goed" noemt, blijft voor hem het andere uiterste kwaad. Polariteit heeft de mens nodig om kennis te verwerven. Daarom werd de boom in het midden van de Hof van Eden ook vertaald als de boom der kennis van goed en kwaad.
De mens op vijf begrijpt dat zijn polariteit in evenwicht gebracht moet worden door het analoge denken.¹)²)
Tenslotte begrijpt deze mens ook dat waar dit pad eertijds voerde naar polariteit het ooit evenwicht zal bereiken waarna het de tegengestelde richting zal kiezen om de mens terug te voeren naar een analoge androgyne eenheid.
¹) De verticale kruisbalk waarop de symbolische Jezus was gekruisigd en waarop de hele mensheid is gekruisigd, vertegenwoordigt het analoge denken terwijl door de horizontale dwarsbalk het causale (polaire) denken wordt gesymboliseerd.
²) These – Antithese - Synthese
Opnieuw samengesteld 17.12.2004
Index