ADEM
Zoals het hele universum een zingende en golvende beweging is, zo is ook onze ademhaling een ritmisch gebeuren. Zoals het universele lied bestaat uit hoge en lage tonen, zo kent onze adem een in - en uitademing waarbij de één noodzakelijkerwijs de andere volgt.
Inademen dwingt tot uitademen en omgekeerd is dit ook het geval; hierdoor ontstaat een spanning - en ontspanningseffect. Door in te ademen kan het lichaam zuurstof opnemen en kooldioxide wordt bij de uitademing afgevoerd. Nemen en geven is hét grote geheim van ademhalen. Openstaan en nemen, openstaan en geven is het geheim van het leven. Open staan voor de universele ademhaling, de kosmische adem door je heen laten stromen is het grote verborgen geheimenis van alle leven. Door onze ademhaling staan wij in een open verbinding met alle leven op aarde, want allen ademen wij dezelfde lucht en hetzelfde licht in en uit. Hoe groot soms onze (meestal onbewuste) behoefte ook mag zijn ons af te keren van onze medeschepselen, de ademhaling (het leven) dwingt ons een deel van het universum te blijven.
In de esoterie staat adem voor leven of geest. Deze geest maakt ons een deel van het grote geheel, zij zorgt ervoor dat we ons nooit geheel kunnen afscheiden van de samenleving. Wij zijn een deel van één geest en alles wat hier op aarde leeft, ademt dezelfde geest in en uit; de hele schepping deint op hetzelfde ritme, het ritme van de adem van het heelal.
Wanneer we sterk individueel zijn ingesteld kunnen we allergische problemen krijgen met onze ademhaling, dan willen we ons het liefste afzonderen, afgescheiden van anderen, boven op een berg gaan leven (daar waar de lucht nog zuiver is) dan willen we liever geen deel zijn van de hele mensheid, laat staan dat we ons zouden kunnen vereenzelvigen met het animale of het vegetatieve. Problemen met de ademhaling lossen meestal op als de betrokken persoon meer geestelijke levensruimte ontvangt, want het overwinnen van de angst voor de vrijheid, werkt altijd verademend.
Angst voor de vrijheid doet sommigen onder ons vluchten in dwangmatige arbeid. Dan trekken we zoveel verplichtingen aan dat we geen tijd meer voor onszelf hebben. We worden ziek als ons werkzame bestaan eindigt en voelen ons overbodig. We zijn bang voor de confrontatie met onszelf en zeggen dat de mens geboren is om te arbeiden, maar als we ons geestelijk van dit neurotische werken hebben losgemaakt, ontvangen we verantwoordelijkheid en vrijheid als beloning.
Vrijheid is dankbaarheid voor het gegeven dat we een deel mogen zijn van het grote universum, dat we een deel mogen zijn van de kosmos, dat we door onze ademhaling contact mogen maken met al wat leeft en dat we een deel zijn van al wat adem heeft.
Dan gaan we wellicht ook inzien dat we ons zelf behoren te vereenzelvigen met de Aarde, zodat we, indien nodig, hard en vastberaden kunnen zijn, wellicht gaan we ook inzien dat we moeten worden als het Water, koel, helder en beweeglijk, zodat we niet verstarren; mogelijk ontdekken we dat we moeten zijn als het Vuur, heet en verterend, zodat we het onreine verdrijven; en we ervaren dat we moeten leven als Lucht, ijl en geestelijk, zodat we onze levensadem behouden en deel blijven van het universum.
De ademhaling, ons leven, staat buiten de sterfelijke, aardse, materiële schepping. De bijbel vertelt in het scheppingsverhaal dat God uit klei en modder het lichaam van de mens formeerde en dat Hij er daarna de levensadem (het leven) in blies. Het stoffelijke lichaam ontstaat uit de materie van de aarde, maar de ziel, de adem, het leven, is een wonder van een grotere orde.
Index